25 maart 1858 : de Dame zegt haar naam

Gepubliceerd 5 maart 2020 - 09:32

Vóór het einde van de eerste veertien dagen van de verschijningen worden door de Dame aan Bernadette drie geheimen toevertrouwd, op 1 maart, tijdens de 12de verschijning, met dit uitdrukkelijk verzoek : « Ik verbied het je om dit aan iemand te zeggen. » Bernadette zal de Dame nog vier maal ontmoeten, tot op 25 maart, wanneer ze haar naam zal openbaren.

1 maart : eerste wonder en de 12de verschijning

Op maandag 1 maart, terwijl het nog donker is, komt Catherine Latapie aan bij de grot. Ze is te voet gekomen vanuit het naburige dorp Loubajac. Zij dompelt haar verlamde arm onder in het water van de bron en kan die onmiddellijk weer bewegen ! Haastig keert zij terug naar huis en zal op diezelfde dag bevallen van haar vierde kind. De genezing van Catherine Latapie is het eerste wonder van Lourdes. Onderweg kruiste ze een meisje met een doek om haar hoofd, Bernadette, die op weg was naar de twaalfde ontmoeting met Aqueró (‘die daar’ in het dialect van de Bigorre), zoals Bernadette haar noemt. Tijdens deze 12de verschijning zal de « jonge vrouw » haar drie geheimen toevertrouwen met het verzoek: « Ik verbied het je om dit aan iemand te zeggen. »

2 maart : « Ga zeggen aan de priesters… »

Op dinsdag 2 maart stelt de Verschijning haar een laatste vraag : « Ga aan de priesters zeggen dat ze hier in processie komen en dat men hier een kapel bouwt. »
Voor gelovigen is hee kapel een huis voor God, de plaats waar de eucharistie gevierd wordt. De vraag werd gehoord. Tot op vandaag worden er tijdens het bedevaartseizoen dagelijks twee processie gehouden : die van het Heilig Sacrament in de namiddag, en de Mariale lichtprocessie elke avond. Elke dag worden er meer dan vijftig missen gevierd op verschillende plaatsen in het Heiligdom.

25 maart : de Verschijning openbaart haar naam

Op 25 maart 1858, het feest van de Aankondiging des Heren, vraagt Bernadette – tijdens de 16de verschijning – tot driemaal toe om haar naam te zeggen : « Juffrouw, wilt u zo goed zijn mij te zeggen wie u bent ? ».
De Dame opent haar armen en brengt ze weer bij elkaar, ze vouwt de handen, richt haar ogen op naar de hemel en spreekt met een oneindige zachtheid deze woorden uit : « Que soy era Immaculada Councepciou » (Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis).
Bernadette begrijpt de betekenis van deze woorden niet. Ze moet ze voortdurend herhalen op haar weg naar de pastorie waar ze ze toeroept naar de pastoor, priester Peyramale. Overweldigd door de emotie stuurt hij haar terug naar huis. Nu is hij zeker van de identiteit van de Dame. Inderdaad in 1854 werd het dogma van de Onbevlekte Ontvangenis uitgevaardigd. Dit zegt dat – in tegenstelling tot ons allen – Maria zonder zonde is ontvangen en nooit gezondigd heeft. De Verschijning is de Maagd Maria !

In het hart van de Veertigdagentijd heeft Bernadette ons bericht van de oproep vanuit de hemel, doorgegeven door Maria, om ons hart te veranderen, zonder enige vorm van bedreiging, met een uiterste zachtheid, maar tegelijkertijd met een grote dringendheid. Een waarachtige bekering, om de weg te vinden naar het enige echte geluk.
Laten ook wij – zo vaak als we kunnen – gaan drinken aan de bron, een kaars aansteken en bidden voor de rots van Massabielle, waar deze twee jonge vrouwen ons de weg naar God hebben getoond.